Kinderkerk Studentenkerk Nijmegen!Kinderkerk

Studentenkerk
Nijmegen
Terug naar nulniveauKinderkerk
Terug naar niveau 1Kerstspelen
 
Menu Het glazen boek leeg
Het glazen boek:
 
Synopsis
Script 
- Lied: Help je mee? 
- Techniek: Glasraam
alle downloads 
Zie ook:
Het licht in de scherven
Artikel in Vieren
Zoek in Kinderkerk

Script

Het glazen boek: script

Onderstaand script bevat de teksten en regieaanwijzingen die gehanteerd zijn voor de kinderkerstviering "Het glazen boek", Kerstmis 1999 in de Studentenkerk Nijmegen. Zie verder de synopsis.


Voorafgaand

De gastheer heet iedereen welkom, geeft aanwijzingen over vooraan komen zitten, en over de crèche voor niet-stille kleuters & peuters.

Het wordt vrijwel donker.

De gastheer zegt dat het wel erg donker is, en begint met het licht uit te delen. Tien kinderen helpen. Het wordt geleidelijkaan lichter van alle kaarsen. Ook op het verhoog gaan kaarsen aan.

Dan worden liedjes gezongen:
- Wij komen te zamen (één couplet)
- De herdertjes lagen bij nachte (één couplet)
- Een voerbak voor een koning (drie coupletten)

Tenslotte studeert de gastheer (= Willibrord = straks Prefatius) deel 1 van "Help je mee" kort in.

Daarna komt Jos (= straks Illustrans) om deel 2 in te studeren.


Monoloog van Prefatius, deel 1

Prefatius staat bij de lezenaar. Hij begint vol overtuiging een Latijnse tekst voor te lezen: Lucas 2. Na enige tijd houdt hij op en loopt ontmoedigd naar de kinderen toe.

Prefatius: Nou, dat werkt dus niet. En ik bedoelde het nog wel zo goed. Maar ze begrepen het niet, natuurlijk. Hoe goed ik het ook voorlees.

Je vraagt je misschien af waar we terecht zijn gekomen. Nou, in het Dammerwoud, lang geleden. Geen elektriciteit, geen tv, zelfs geen multimedia. De mensen wonen hier in houten huisjes, en als er ergens een raampje in zit, dan is dat zonder glas. Ze hebben akkertjes en een paar kippen. En als je een varken hebt, dan ben je rijk.

Niks mis mee, zou je zeggen. Maar kijk maar eens goed.

Het Dammerwoud, 2.50 bij 1.25 m, door 8 kinderen.Hij wijst naar de zwart met grijze schildering van moord & doodslag op de achtergrond.

Ze dragen allemaal wel een knuppel of een mes. De kinderen leren hoe je moet vechten en hun liedjes gaan over wraak en moord en bloed. En telkens opnieuw is het oorlog in het Dammerwoud. Waarom? Om niks! Omdat het vorig jaar ook oorlog was. Vrede, dat kennen ze hier niet.

Hij gaat bij de pakken neerzitten met de kap van zijn pij over het hoofd.

Eva speelt het liedje op de sopraninoblokfluit

Monoloog van Prefatius, deel 2

Hij staat op met de Bijbel in zijn hand.

Maar ik heb het anders gezien. Ik was in Korinte. Daar waren de mensen vriendelijk. En niet alleen tegen elkaar, ook tegen vreemdelingen. "Kom binnen, jij hoort er ook bij!" zeiden ze tegen me. En zonder dat ik er om gevraagd had, vroegen ze of ik kwam eten.

De maaltijd aten ze met z’n allen. Brood en wijn. En ze deelden het uit op een speciale manier. "Het gaat niet om het brood," zeiden ze. "Je moet Jezus uitdelen, zoals Hij dat zelf ook deed."

Toen hebben ze me verteld van Jezus, die ze het Licht van de Vrede noemen. "Jezus redt de wereld."

"Redden?" zei ik, "Hoezo, redden. Verdrinken we dan?"

Maar ze hadden gelijk. Het gaat slecht in de wereld. De mensen haten elkaar en ze gunnen elkaar het licht in de ogen niet.

Eerst moest ik er een beetje om lachen. "Nou, die Jezus, dat zal dan wel een soort Superman zijn, als die ze allemaal koest kan houden. Zeker een superkoning met een supermachtig zwaard en zo."

Maar, dat was die dus niet. Vrede moet je met vrede bereiken, zei Jezus. En als ze je slaan, dan sla je niet terug. Je zegt zelfs: "hier, sla ook maar aan deze kant." Daarmee bereik je vrede.

Er is een boek over geschreven. Het Boek, heet het. Het staat er allemaal zo prachtig in. Ik lees het voor aan iedereen!

Hij gaat opnieuw naar de lezenaar en leest nu een fragment in achttiende-eeuws Nederlands, al even onbegrijpelijk als het eerdere Latijn. Hij wordt onderbroken door broeder Illustrans, die zingend binnenkomt (hij zingt deel 2 van het liedje 'Help je mee?'). Prefatius kijkt op en luistert hoe prachtig Illustrans het liedje zingt. Illustrans laat de kinderen meezingen.


Dialoog van Prefatius en Illustrans

Prefatius: Mijn beste broeder Illustrans, wat fijn om jou weer te horen!

Illustrans: Mijn beste broeder Prefatius, wat fijn om jou weer te zien! Maar zag ik het goed net? Wat stond je daar nou te prevelen uit dat boek?

P Dat is niet ‘dat boek’, dat is Het Boek. Ik lees de kinderen er uit voor. Kunnen ze horen hoe prachtig het verhaal van Jezus is opgeschreven.

I Hmm. Maar je ziet er anders nogal somber uit. Wat is er met je?

P Nou, dat was ik eigenlijk aan het uitleggen. Ik probeer hier in het Dammerwoud het Woord van Jezus te brengen. Moet je kijken, hoe de mensen er hier aan toe zijn. Ze zijn arm, omdat ze voortdurend oorlog voeren. Ze denken alleen maar aan macht, aan vechten en aan wraak. Bijlen, knuppels, messen. En telkens opnieuw moeten ze hun doden begraven.

I En dan lees jij hun voor uit Het Boek en dan...

P Dan gaan ze opnieuw vechten. Terwijl het toch Het Boek is. Misschien zijn ze gewoon te dom. Ze begrijpen het niet, hoe goed ik het ook voorlees.

I Maar Prefatius! Je moet het niet laten horen, je moet het laten zien!

P Wat bedoel je daarmee?

I Nou. Luister. Jij wil zeggen dat Jezus wel een koning was, maar geen gewone..

P Ja. Hij wou geen macht, hij wou vrede. En dus kwam hij niet zoals een koning komt, op een paard, nee, hij kwam als een arm kindje in een schuurtje. En niet bij mooi helder weer, nee, in de donkerste nacht. Zo bracht hij het licht van de vrede – en dat brengen wij weer verder, aan iedereen..

I Kijk, en dát moet je dus laten zien.

Hij vouwt een rol open waarin de schetsen zitten van het glasraam.

P Wat is dat?

I Dit heeft broeder Franciscus gemaakt, een groot kunstenaar. Prachtig is het. Als je dit zou kunnen maken...

P Het is alleen papier.

I Ja, maar als je al die stukken namaakt van glas en ze dan bij elkaar zet...

P Wie? Wij met z’n tweeën? Al dat knip-en plakwerk? Zonder computer? Dan zijn we nog jaren bezig. En ondertussen...

Illustrans stapt naar de kinderen.

I En wie zijn dat daar dan? Moeten die daar alleen maar zitten luisteren? Die willen ons vast wel helpen...

Illustrans zingt met de kinderen deel 2 van "Help je mee?"


Glasraam van Kerst 1999, zie hieronder in deze pagina.Kinderwerk!

De kinderen doen hun kaarsjes uit. Ze krijgen per groepje van vier tot zes kinderen één vel met een stuk glasraamschets. Jongere kinderen krijgen eenvoudige, oudere wat ingewikkelder. Op tafels liggen stukjes gekleurd vliegerpapier en lijm klaar, die ze op het vel moeten plakken. Als dat klaar is brengen ze het naar voren. Daar staat het lege raam klaar, waar de stukken 'glas' ingezet worden.

Als alles klaar is, komen de kinderen voor het glasraam zitten. Prefatius en Illustrans staan aan weerszijden van het raam. Ook de ouders komen er omheen staan.


Overgangsdialoog

P Zo. Tjonge jonge, wat een werk. Maar goed dat alle kinderen geholpen hebben. Maar... het spijt me wel, Illustrans. Ik vind het eigenlijk een beetje tegenvallen. Zo bleek allemaal. Wat staat er nou helemaal op?

I Prefatius, het is een glasraam. Glasramen, daar valt het licht door. Die werken alleen overdag, want dan is er licht.

P Niet hoor. We hebben het net gezongen: ... schijnt er een licht in de donkerste nacht. Licht van de vrede!

I Zullen we dat dan eerst maar nog een keer zingen?

Illustrans en Prefatius zingen het liedje, eerst ieder hun eigen deel, dan tweestemmig. Daarna zingen allen het complete lied éénstemmig. Gaandeweg gaan de lampen aan achter het raam.

P Oh! Wat is dat prachtig geworden, zeg. Dankjewel, Illustrans. Je zou zeggen dat we het vanavond wel zonder Boek kunnen. Of nee, dat dit vanavond Het Boek is. Maar dan van glas. Het Glazen Boek.

I Let maar op. Als je goed kijkt, gaat het vanzelf spreken, dat boek...


Maria bij het raam

Van opzij komt Maria op.

Maria Hebben jullie dat gemaakt? Wat prachtig!

Jullie weten wel wat dat voorstelt, hè? Wie is dit?

Ja, dat is Jezus,
De Koning van de vrede,
het kind van God,
het licht van de wereld.

En hier is hij geboren. In een mooi huis? Nee hè,

Het is maar een schuurtje. En zijn kleren...

Ja, alleen maar wat doeken! Wat is dat nou voor koning, die zo geboren wordt? Hoe kan die nou vrede brengen?

Nou, precies, door zelf het goede voorbeeld te zijn. Hij wordt als een arm kindje geboren. En later, als hij groot is, rijdt hij op een ezeltje, niet op een paard. Hij heeft geen paleis, maar hij gaat door het land, naar de mensen toe.

En overal vertelt hij het: "Help de mensen om je heen. Help ze met je hart, en niet met een zuur gezicht."

En ook: "Wees aardig tegen mensen die je kwaad willen doen. Als je ruzie hebt, moet je niet vechten maar het weer goed maken."

Alle mensen die hem gezien hebben, vertellen het verder, aan iedereen die ze maar tegenkomen. En die vertellen het weer verder, ieder op zijn eigen manier, met een boek, met een raam, of met een lied.

En zo gaat het verhaal van Jezus de wereld door. Als een licht, dat schijnt, zelfs in de donkerste nacht.

Het licht van de vrede.

Na deze prachtige woorden zingen we allemaal nog één keer het liedje, in canon!

Spel: 1999
Deze pagina: 2000
 
Kinderkerksitelogootje
© Willibrord Huisman 1990-2013
Reacties? Vragen? Graag!
Deze website bevat spel, tekst, muziek, opnamen en verslagen
van 22 jaar Kinderkerk in de Studentenkerk
van de Radboud Universiteit Nijmegen